Simpele abrikozentaart (v)

In het fruitpakket zaten deze week 12 abrikozen. B is geen fan van abrikoos en 12 vruchten in je eentje opeten vond ik wel wat teveel van het goede. Dan maar taart maken!

Deze vegan abrikozentaart is er eentje in de categorie ‘weinig poespas’. Het recept haalde ik van een Franstalig blog; ik ben van plan om de volgende keer te experimenteren met amandelspijs erin. Maar zo is-ie ook al erg lekker. Niet te zoet en met een brosse zandkorst.

Je hebt nodig:

  • 12 tot 15 abrikozen
  • 2 eetlepels rietsuiker
  • 3 eetlepels havervlokken
  • 380 gram bloem
  • 180 gram koude plantaardige boter
  • 50-100 ml koud water
  • 4 eetlepels lichte basterdsuiker
  • poedersuiker om te bestrooien

  • taartvorm met losse bodem
  • deegroller
  • klein zeefje (optioneel, voor de poedersuiker)

Zo doe je dat:

  1. Maak eerst het deeg. Doe de bloem, suiker en boter in een kom. Kneed en wrijf tussen je handen zodat een korrelig deeg ontstaat. Schenk er beetje bij beetje wat water bij en kneed het tot je er een bal van kunt maken. Probeer niet te lang te kneden. Leg de deegbal 30 minuten in de koelkast.
  2. Was intussen de abrikozen, snijd ze doormidden en verwijder de pitten. Meng in een kommetje de 2 eetlepels rietsuiker en 3 eetlepels havervlokken. Vet een taartvorm (liefst met losse bodem) in met wat boter.
  3. Als de deegbal klaar is: verwarm de oven voor op 200°C (hete lucht).
  4. Rol 2/3 van het deeg uit over het aanrecht, tot een dikte van 4 mm. Leg het in de taartvorm. en druk lichtjes aan.
  5. Verdeel het suiker-havermengsel over de bodem. Leg de gehalveerde abrikozen met de snijkant naar beneden op de bodem van de taart. Verdeel de 4 eetlepels basterdsuiker erover.
  6. Rol de rest van het deeg ook uit tot een lap, en snijd er met een mesje repen van (ca. 1 cm dik). Verdeel de deegrepen in een ruitpatroon over de taart.
  7. Bak de taart eerst 15 minuten in de oven op 200°C. Verlaag de temperatuur dan naar 170°C en bak nog 30 minuten.
  8. Laat de taart een klein beetje afkoelen en bestrooi ‘m dan door een zeefje met poedersuiker.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.